Herinneringen aan het Zeemanshuis: ‘Een gebouw als een souvenir uit de jaren vijftig’

Jarenlang heeft de buurt zich verzet tegen de afbraak van het Zeemanshuis in het Antwerpse Schipperskwartier. Nu de sloop onafwendbaar is geworden, hebben ze de strijdbijl begraven. Nog even en het symbool van het typische jaren vijftig modernisme is niet meer. Uw krant trok nog een laatste maal naar dit aloude zeemansverblijf. Met weemoed brengen we een ode aan een bouwwerk dat weldra enkel nog op papier bewonderd kan worden.

De afbraak van het Zeemanshuis sleept al zo lang aan dat velen inmiddels vergaten dat het project deel uitmaakt van de opwaardering van het Antwerpse Schipperskwartier. Het befaamde zeemansverblijf zou een nieuwe invulling krijgen. In 2005 werd door een vakjury onder leiding van bouwmeester bOb Van Reeth het ontwerp van het Rotterdamse bureau van Christian Rapp verkozen. Het enige ontwerp dat uitging van de afbraak van het huidige gebouwencomplex. Dat ontwerp wil op de site een mix van kantoren, woningen en publieke functies realiseren, al bestaat er vandaag heel wat onduidelijkheid over wat van dat oorspronkelijke plan nog effectief overeind is. Vast staat dat door aanhoudend protest – waarbij ook naar de Raad van State werd gestapt – het project inmiddels heel wat vertraging heeft opgelopen. De stad komt hierdoor haar afspraken met privaat-publieke partner SD Worx niet na. Resultaat: een boete van inmiddels 223.205 euro, die zal zijn opgelopen tot 304.500 euro wanneer aan het einde van 2012 het Zeemanshuis er nog steeds staat. Voor het stadsbestuur kan die sloophamer dus niet snel genoeg komen.

Loges van weleer

“Die typische geur die hier hangt…”, zegt ze dromerig. Ze snuift gulzig die geur van herinneringen en glimlacht. Twaalf jaar geleden stond Evi Heyndrickx voor het eerst op de planken van Theater Zeemanshuis. Het gezelschap werd een familie, het theater een thuis. Haar eerste rol was die van Monique in Dobbel Shift. Dit fel besproken stuk werd meteen het langstlopende van het gezelschap. Anderhalf jaar lang brachten ze deze opvoering die verankerd was in het Antwerpse havengebied. Drie jaar voor Dobbel Shift was ze artistiek leider Alex Van Haecke voor het eerst tegen het lijf gelopen. Hij had haar eindexamen aan de kunsthumaniora bijgewoond en had vol bewondering goedkeurend geknikt.

Evi stapt nog een laatste maal de planken op en maakt een wijds gebaar. “Dit is een plek waar gespeeld én geleefd werd”, zegt ze. De locatie staat bekend om haar onevenaarbare akoestiek. Een neervallende speldekop weergalmt er als een baksteen. Even tevoren waren we afgedaald naar de loges en had ze voor een laatste maal plaatsgenomen voor een door spotjes omgeven spiegel. Loges van weleer. Nog even en ze zijn het helemaal. “Authenticiteit wordt niet meer naar waarde geschat”, zucht ze. “Er werd ons gevraagd om naar aanleiding van de opening van het Red Star Line Museum in september 2013 het gelijknamige toneelstuk uit ons repertoire opnieuw op te voeren. Best ironisch dat we precies dat stuk voor die gelegenheid niet op onze aloude plankenvloer kunnen brengen.”

Het einde van het Zeemanshuis – waarvan hun theater deel uitmaakt – is nu onafwendbaar dichtbij gekomen. Tijdelijk vindt Theater Zeemanshuis een speelplek in het Fakkelteater. Op termijn wordt in de Zirkstraat een nieuwe locatie gerealiseerd.

“Géén tweederangsarchitectuur”

Sinds de eerste berichten over de mogelijke sloop van het complex vocht Kris Fierens met de vzw Red het Zeemanshuis voor het behoud ervan. Tevergeefs. “Ik vind het nog steeds een onwaarschijnlijk gebouw. Ik hou van de verhoudingen, de esthetiek, de degelijkheid, de open ruimtes. Ik ben er eenvoudigweg ongelooflijk graag”, glimlacht hij. Hij legt uit dat het complex ruim een halve eeuw geleden gebouwd werd met een welbepaalde filosofie in het achterhoofd. “Hoogbouw kon alleen aan brede lanen. Maar de Falconrui en de Generaal Belliardstraat zijn twee erg nauwe straten. De architect kon zo’n bouwwerk onmogelijk op die locatie realiseren. Hij heeft dan beslist om voor de hoogbouw een lager bijgebouw te ontwerpen. Het geheel heeft hij achteraan op het perceel geplaatst. Zo werd er licht, lucht en ruimte aan de omgeving gegeven”, legt Kris uit.

Het Zeemanshuis Antwerpen is geen tweederangsarchitectuur, maar een souvenir uit de jaren vijftig dat het bewaren waard is. “Uit tijd waarin de materiaalkeuze nog weloverwogen gebeurde. Duurzaamheid en degelijkheid stond voorop. Het cement alleen al is van een hoge kwaliteit. Waarom het gebouw gesloopt dient te worden, ontgaat me nog steeds. Het is een toonbeeld van degelijkheid. Ideaal om een stadsherberg of jeugdhotel in onder te brengen, toch?”

De voorbije jaren stond het Zeemanshuis bovenop de lijst met weldra te beschermen gebouwen. De erfgoedwaarde wordt door heel wat instanties niet in twijfel getrokken. “En toch…”, zegt Kris ontmoedigd. “Het was bouwmeester bOb Van Reeth die als juryvoorzitter besliste om voor een vernieuwingsproject dat het Zeemanshuis een tweede leven zou geven, waarbij het huidige complex met de grond gelijkgemaakt zou worden. Voor mij is hij de man die hoofdelijk verantwoordelijk is voor het verdwijnen van dit bouwwerk”, benadrukt hij.

“Wanpraktijken”

“Wat weinigen weten is dat de stad een zeemansverblijf oprichtte om een einde te stellen aan de wanpraktijken bij de aanwerving van scheepsbemanning”, weet beroepsantwerpenaar Tanguy Ottomer. “Het tekort aan bemanningsleden werd aan het einde van de 19de eeuw opgelost volgens de principes van het ‘shanghaien’. Dronken mariniers werden door ronselaars op bestelling ter afvaart afgeleverd. Wanneer ze weer nuchter waren, bevond het schip zich ergens midden op zee. Er zat dan weinig anders op dan de handen uit de mouwen te steken.”

Het zeemanshuis dat in 1891 – mede dankzij de schenking van de weduwe van een reder – aan de Ankerrui de deuren opende, moest zeelieden behoeden voor zo’n lot. Een verhuurkantoor maakte deel uit het zeemansverblijf, zij behartigden de belangen van de zeelieden. “Tegen voordelige prijzen werd hen kost en inwoon verschaft. Dat was toch al een excuus minder om de nacht op café te moeten doorbrengen”, knipoogt hij. Aan het begin van de twintigste eeuw lag de bezettingsgraad zo hoog dat in de Stijfselstraat bijkomende panden werden aangekocht.

“Einde ’49 besliste het stadsbestuur een nieuw zeemansverblijf te bouwen. Op 1 oktober 1954 opende dat aan de Falconrui officieel de deuren. In de jaren die volgden zou door het sneller laden en lossen van schepen het verblijf van zeelieden almaar korter worden toch. Toch blijft het zeemansverblijf een uniek concept dat de identiteit van Antwerpen als havenstad extra kracht bijzet. Het Schipperskwartier is een buurt met een rijk verleden. Door het verblijf er weg te halen – en op de koop toe dat degelijke, modernistische complex zonder dwingende reden te slopen – zal dat steeds meer in de vergetelheid raken.”

Terug naar overzicht

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s